Het geslacht Betula of Berk

Tekst en illustraties: Patrick De Maere

De berk is een pioniersboom die snel groeit maar ook niet heel erg oud wordt. Zijn zeventig à tachtig jaren zijn echter meer dan genoeg om mee aan de slag te gaan als bonsai.

De soort heeft zo zijn eigenaardigheden, zoals takkensterfte bijvoorbeeld. Daar gaat dit artikel uiteraard ook op in.

Het geslacht van de berken

Het geslacht ‘Betula’ of ‘berk’ telt een zestigtal soorten. Ze zijn allemaal bladverliezend. Het gaat om bomen en struiken die voorkomen in het noordelijk halfrond in de gematigde zone tot de poolcirkel.

De vorm is altijd rank en sierlijk. En, zeker bij oudere bomen, de bast valt op. Meestal gaat het om witte of bleke schors.

Vanaf maart verschijnen de mannelijke en vrouwelijke katjes.

Berken kruisen gemakkelijk. Deze hybriden en de variëteiten zorgen ervoor dat de soort niet altijd gemakkelijk te achterhalen is. Dat maakt weinig uit voor ons. De aanpak is voor al deze ‘verschijningsvormen gelijk.

De inheemse soorten zijn: Betula pendula (ruwe berk), B. pubecent (zachte berk), B. aurata (ruwe berk x zachte berk) en B. pubecens ssp. carpathica (Karpatenberk) .

De berk is een zogenaamde pioniersboom. Dat wil zeggen dat de soort altijd bij de eerste boomsoorten is op kaal terrein. Dat komt omdat hun zaden zeer ver kunnen vliegen en dat ze weinig eisen stellen aan de ondergrond. Ze groeien bovendien zeer snel. Gevolg is dat de soort niet echt oud wordt. Gemiddeld tachtig tot honderd jaar. Dat hoeft voor bonsaika geen probleem te zijn.

Er bestaan ook veel cultivars, vooral bij B. pendula, bv. B. p. ‘Cripa’, B. p. ‘Fastigiata’, B. p. ‘Laciniatia’, B. p. ‘Obilisk’, B. p. ‘Purpurea’, B. p. ‘Tristis’, enz. Afhankelijk van de cultivar hebben deze vormen een meer of minder uitgesproken treurvorm of donkere bladeren.

De B. platyphylla, de Japanse witte berk, komt in Japan zelf niet voor als bonsai. Vermoedelijk vanwege zijn zeer open kruin.

Betula utilis, ook wel de papierberk is wel af en toe te zien als bonsai.

Tenslotte, reizigers naar het noorden, Scandinavië dus, brengen wel eens een struikvormige berk mee. Dat gaat dan vooral over de B. nana.

Zaailing

Deze berk is zeven jaar oud en ondertussen bijna vier meter hoog. De boom stond heel die tijd in deze kuip. Tijs om in te korten en over te zetten in een veel kelineren pot.

Klaar om te 'oogsten'

Het gaat hier om een andere soort berk dan die welke we verder opvolgen. Hopelijk staan de twee stammen dicht genoeg bij elkaar aan de basis. Dan kan het een treurende tweestam worden. Anders twee aparte boompjes.

Een verhaal

Aan de hand van een reeks beelden én tekst uiteraard, volgt hier het verhaal van een berk in de treurstijl.

2018 - 5 februari
Pas uitgegraven en opgepot.

Deze boom werd gekozen omwille van de witte bast met ruwe donkere delen. En uiteraard ook voor de beweging

De eerste jaren: een kruin opbouwen

 

In 2016 had ik een kleine berk uitgegraven op een perceel  waar er binnenkort zou gebouwd worden maar die heeft de zware snoei  en het verplanten het daarop volgend seizoen niet overleeft.

Dit heeft mij getriggerd  om terug op zoek te gaan naar een startplant, en zowaar op de trophy  2018 vond ik op de stand van Jack Rost een stevig exemplaar aan een aanvaarbare prijs van 125€.

Het was vooral een mooie stam met een leuke beweging in, maar beperkte tapsheid en gewoon afgezaagd. Wel  verschillende kleine dunnere  takken die we nog kunnen vormen.  De voet (nebari) was ook niet slecht wat ook belangrijk is voor de toekomst want daar kunnen we niet veel aan wijzigen in de toekomst.

Thuis gekomen de boom in een grote trainingspot geplant in een mix van akadama en bims.

Tijdens het eerste seizoen goed gemest en in oktober had die scheuten gemaakt tot 1m lang. Dat was een onverhoopte prima start en ik kon direct aan de eerste vormgeving beginnen. In de natuur groeien de gesteltakken van de gewone berk eerder omhoog  en hangen de uiteinden van de kleinere takken naar beneden. Ik had zoiets ook voor ogen maar na enkele uurtjes bedraden zag het er toch eerder een echte treurvorm uit, waar ik wel tevreden over was, (zie foto) ik had die boom nog maar 9 maanden.

Oktober 2018
November 2018
December 2018
Maart 2019
Oktober 2019
Februari 2020

Einde maart 2019 begon de boom prima uit te lopen zonder afgestorven takken, een goede start.

In oktober was deze terug flink gegroeid met nog meer secundaire takken, weer iets langer bedraden!. Hij werd dan ook verpot in een grote bonsaipot.

In 2020 en 2021 terug flink gegroeid, gesnoeid en bedraad.

Eind 2022 bracht ik de boom eens mee naar de Bonsai academy olv. Marc Noelanders en die raadde me aan om stevig terug te snoeien. De takken kwamen idd te dicht tegen de pot. Kort daarop werd de boom verpot een minder grote, geglazuurde bonsaipot.

April 2020
November 2020
Januari 2021

Er is ondertussen een goede fijne vertakking ontstaan. Overvloedig bijna. Uitdunnen is zeker nodig. En bedraden uiteraard, de takken gaan te wijd uit elkaar staan.

December 2021
Februari 2023

HIERNAAST De kruin heeft een duidelijke structuur gekregen . De boom kreeg een nieuwe pot met meer elegantie.

Februari 2023

 

2023 was wederom  een normaal jaar en midden 2024 werd de boom in de preselectie opgenomen voor de tentoonstelling van afdeling Waasland in oktober, we moesten de boom dus in topconditie proberen te krijgen.

Dus werd de boom begin oktober zorgvuldig bedraad met nog een groot  deel  herfstbladeren .

Het oppervlak nog wat aankleden met mos en klaar was hij.

Een nadeel van een berk is dat die bijna niet kan gepresenteerd worden zonder te bedraden, de nieuwe scheuten groeien steeds eerst naar boven en als je deze wilt behouden is het bedraden maar.

Oktober 2023
Maart 2024
Maart 2024

Opkweken en verzorgen

Aanschaf

Berk zaait zeer gemakkelijk uit. Daarom is het beter om uit te kijken naar forse zaailingen. Die mogen gerust enkele jaren oud zijn. Graaf uit , kort in en plant in een ruime pot of bak. Als berken de kans krijgen om in volle grond of in een ruime bak te ontwikkelen zullen ze sneller de kenmerkende witte bast krijgen.

 

Snoeien en bedraden

Ik bewerk (snoeien en bedraden) een berk steeds in de vroege herfst, terwijl de sapstroom zeer laag is, later komt de sapstroom snel terug op gang en kan die gaan bloeden wat taksterfte als gevolg kan hebben.

Fijne takjes kan men laten doorbuigen door er tijdelijk wasknijpers aan te hangen. Niet voor een tentoonstelling uiteraard.

Maart 2024
September 2024
September 2024

Alternatief voor bedraden

Bij berk is het gevaar groot dat draden gaan ingroeien. Die wonden herstellen trouwens zeer moeilijk.

Vandaar dat het een alternatief kan zijn om te werken met gewichtjes.

In dit voorbeeld werd gewerkt met wasspelden. Bij zwaardere takken werden grote spelden aangebracht of zelfs twee bij elkaar.

Metalen klemmen werken ook. Die hebben wel het nadeel dat ze gaan roesten.

Zet de speld of klem op het uiteinde van het takje. Dat zal namelijk afsterven als gevolg van het afklemmen. De rest van de tak heeft er geen last van.

Ziektes en plagen

De berkenluis komt ‘gretig’ voor op de berk. Bestrijden doet men met een simpel milieuvriendelijk product.

De bladsnuitkever valt op door de gaten die in de bladeren gevreten worden. Haal de beetjes weg en verwijder de aangevreten bladeren. Dagelijkse controle is aanbevolen. Heel jongen takjes kunnen afsterven als ze ‘aangevallen’ worden.

Verder komen de galmijt, de berkenroller en de berkenmineervlieg af en toe voor. Verwijder de aangetaste bladeren van zodra ze te zien zijn.

Berkenroest vormt gele tot oranje pukkels onderaan het blad. Preventief behandelen met een fungicide is mogelijk. In feite is deze schimmel enkele een bedreiging bij jonge planten.

Meeldauw, kenmerkend is de grijzige aanslag op de bladeren late zomer, veroorzaakt bladval en soms afsterven van takken. Dit is moeilijk te voorkomen. De taksterfte beperken en herstijlen bij zwaar takverlies is zowat de grootste uitdaging bij berk.

Verzorging

De berk stelt weinig eisen. Een standaardgrondmengsel volstaat. Geef niet overdreven mest. De meeste berken hebben vrij weinig water nodig, maar aangezien onze grondmengsels goed doorlatend zijn hoeft men daarvoor geen aandacht te hebben. Te veel water geven is in feite niet mogelijk.

Dood hout?

Dat is niet echt nodig maar soms niet te voorkomen als gevolg van zware afstervende takken of zaagwonden bij het inkorten. Het inrotten is niet echt te voorkomen. Kuis het dode hout tot twee maal per jaar op met een stalborstel en behandel. Holtes en holle stammen komen dus regelmatig voor.

Stijlen

Respecteer vooral de natuurlijke ‘look’ van de plant waarmee je aan de slag gaat. Vaak kom je dan uit op de treurstijl – zie een andere blog – maar er zijn ook andere stijlen mogelijk. Zowel meerstammig als hellend. Combinaties met stenen zijn minder aangewezen.

Shohin en mame zijn mogelijk.

Ga voor geglazuurde potten. De glazuur mag ruw zijn en een textuur doet het goed.

Een goede boom om relatief snel tot een goed resultaat te komen, al is er wel wat werk aan.

Oktober 2024

HIERNAAST Op de tentoonstelling van VBV Waasland in oktober 2024

Taal- of schrijffout opgemerkt? Laat het ons weten via support@bonsaivlaanderen.be